Pinchers

 

De groep Pinchers bestaat uit vijf rassen;

·           De Dobermann

·           De Duitse Pincher

·           De Dwergpincher

·           De Affenpincher

·           En de Oostenrijkse Pincher

 

De Duitse Pincher en Dwergpincher.

 

 

De Duitse Pincher is de oorspronkelijke Pincher die al in 1836 in een boek wordt beschreven: De Pincher is ondanks zijn slankheid krachtig gebouwd, heeft een opgewekt temperament, is beweeglijk en zonder valsheid. Hij houdt van warmte en is graag bij de paarden, hij jaagt van nature op ratten en muizen. Door zijn doorsnee voorkomen en het feit dat rassen uit het buitenland populair worden, plus het uitbreken van de tweede wereldoorlog, hebben de Duitse Pincher geen goed gedaan, ze waren bijna uitgestorven. Door middel van een geredde teef Kitti van Bodestrand die in vele combinaties gebruikt is met nog een paar gevonden Pinchers, is het ras weer opgebouwd.

De Duitse Pincher is nu parmantig en monter, steeds opmerkzaam, in houding beweeglijk en vrij, trouwe begeleider van de mens en goedaardig van karakter, dit uit zich in zijn lust om te spelen en de omgang met kinderen. Zijn uiterlijke vorm en zijn innerlijke wezen zijn onafscheidelijk met elkaar verbonden.

 

 

De Dwergpincher is de kleinere broer van de Duitse Pincher en is even fanatiek in het muizen en ratten vangen. De karakter eigenschappen zijn hetzelfde, daarbij treedt hij grotere soortgenoten onbevreesd tegemoet. De Dwergpincher is pittig, alert, spontaan en vrolijk.

De Duitse Pincher en Dwergpincher moeten consequent maar met zachte hand worden opgevoed. Een vrolijke training doet wonderen.

 

De Dobermann

De Dobermann is in 1880 ontstaan door Friedrich Louis Dobermann. Louis Dobermann woonde in Apolda, een stad in de Duitse provincie Thüringen. Naast een aantal banen die hij had, was Louis Dobermann ook nachtwaker en belastinginner. Voor deze taken wilde hij een hond die hem beschermde.

 

 

De bestaande honden vond hij niks en omdat hij geïnteresseerd was in de erfelijkheidsleer, vond hij het interessant om zelf een ras te creëren. De hond moest functioneel zijn en werklust en inzetbaarheid als waak en verdedigingshond waren een must. Voor de eerste kruisingen heeft hij de Duitse Pincher, de Oudduitse herder en de Rottweiler gebruikt.

Er zijn meerdere rassen genoemd, maar daar is geen duidelijkheid over. De Dobermann was ook binnen korte tijd homogeen, wel zouden de Manchester Terriër en de Greyhound zijn gebruikt.

In eerste instantie noemt Louis Dobermann zijn honden Dobermann’s Pinchers later werd het Dobermann Pincher, later werd ook de naam Pincher weggelaten en werd de naam alleen maar Dobermann.

 

 

Aangezien Louis Dobermann in 1894 is overleden zijn andere mensen verantwoordelijk geweest voor de verdere ontwikkeling van het ras. In 1895 werd de Dobermann als ras erkend.  In de eerste wereldoorlog liep de Dobermann een flinke deuk op maar tussen de twee wereldoorlogen heeft men gestaag aan de verdere opbouw van het ras gewerkt.

De Dobermann is een echt werkhondenras dat uitblinkt in het waken en verdedigen van de baas en zijn spullen.

De Dobermann is een lieve, gevoelige hond die zich zeer sterk hecht aan de baas en daardoor slecht alleen kan zijn.

Hij is erg alert en reageert snel op veranderingen in zijn omgeving, dit was nodig om zijn beschermende taak uit te voeren.

Zijn bewakingsinstinct is zeer goed ontwikkeld, hierdoor blaft de Dobermann veel. De Dobermann is ook dominantie-gevoelig waardoor je een echte baas moet zijn waar hij volledig op kan vertrouwen. Door zijn grote will to please is een harde hand in de opvoeding uit den boze, hiervan kan de Dobermann heel neurotisch worden.

 

De Affenpincher.

De Affenpincher dankt zijn naam aan zijn aapachtige uiterlijk. Er gingen verhalen dat de eerste Affenpincher een kruising was tussen een aap en een hond. Zijn oorsprong ligt in de 15e en 16e eeuw.

 

 

En tot 1896 werden de Dwergschnauzer en de Affenpincher als één ras beschouwd met verschillende beharing.

Ook kwamen er toen al dwergen voor met een normale voorsnuit en een verkorte voorsnuit waarbij de onderkaak naar voren kwam. Velen zagen de Affenpincher als een mislukte Dwergschnauzer, maar er waren ook mensen die hen als apart ras zagen. De taken voor deze honden waren hetzelfde, de ratten en muizen vangen en de boerderij bewaken, hierdoor zijn ze zeer terughoudend naar vreemden. Voor de eigen mensen is hij zeer aanhankelijk en trouw en loopt het liefst de hele dag achter de baas aan.

 

 

De Affenpincher is een hond van uitersten, of zeer rustig of heel uitbundig, dan weer zeer knuffelig. Hij kan zeer goed luisteren maar heeft de Affenpincher geen zin dan is er geen land mee te bezeilen. De Affenpincher is onverschrokken, koppig, lief en aanhankelijk. Hij kan komisch, ernstig en hartstochtelijk zijn.

In 1895 richt men de eerste rasclub op maar het heeft nog jaren geduurd voordat men de Affenpincher als apart ras ging zien.

 

De Oostenrijkse Pincher.

De Oostenrijkse Pincher werd op de boerderijen voor het vangen van ratten en muizen gebruikt.

 

 

Daarnaast was hij de trouwe en onomkoopbare bewaker van de boerderij, daarvoor zocht de boer de volgende eigenschappen;

·           Robuuste gezondheid en voldoende hebben aan sober voedsel.

·           Trouw aan huis.

·           Territorium en bezitsbegrip. De hond moest precies weten wat bij de familie en het hof hoorde, wat zijn vee was en welke wagen bij de boerderij hoorde.

·           Waakzaam, vriendelijk en volkomen ongevaarlijk voor alle gezinsleden.

·           Scherp op ongedierte zoals ratten, muizen en bunzings.

·           Verstand van vee. De Oostenrijkse Pincher moest kippen en eenden in zijn omgeving kunnen verdragen en ook met groter vee moest hij kunnen omgaan.

 

Doordat het een gewone hond was om te zien is er nooit veel belangstelling geweest voor dit ras. Na bijna te zijn uitgestorven is er nu weer een bescheiden bestand opgebouwd.

 

 

De Oostenrijkse Pincher is goed te houden als huishond, hij is van nature gehoorzaam, leert snel en heeft er plezier in als zijn baas tevreden is over zijn verrichtingen.

Veel hondensporten zijn geschikt. Door zijn grote wantrouwigheid naar vreemden moet de Oostenrijkse Pincher heel goed gesocialiseerd worden waarbij de kennismaking met vreemde dingen en mensen vanuit de hond moet komen.

 

Dit artikel is samengesteld door Corine, als bronnen zijn gebruikt; ’Onze Hond’ jaargang 1996-2008 en ‘Het Internet’.

 

Snuffel verder in pinchers, schnautzers, molossers en sennenhonden

 

Snuffel verder in hondenrassen